Hoe staat Mali ervoor?
In de kurkdroge Afrikaanse Sahel, en omringd door landen als Ivoorkust, Niger en Algerije ligt Mali. Het is een van de armste landen in de wereld. Op de ontwikkelingsranglijst van de Verenigde Naties staat het bijna onderaan: op de 173ste plaats van de 177 landen. Dat is onder meer te wijten aan de natuurlijke omstandigheden die voor droogte en hongersnoden hebben gezorgd. Het land bestaat voor het grootste deel uit woestijn. Landbouw en andere economische activiteiten vinden vooral plaats in het zuidwesten, waar de grote rivieren zoals de Niger en de Senegal lopen. Daardoor is het land toch zelfvoorzienend. Verreweg de meeste Malinezen, 80 procent, houden zich bezig met landbouw. Het land is een van de grootste katoenproducenten van Afrika. Samen met andere katoenexporteurs lobbyt Mali tegen subsidies voor katoenboeren in rijkere landen, vooral in de Verenigde Staten. Behalve katoen wordt veel rijst, gierst en sorghum verbouwd. Veel gezinnen kweken vooral gewassen voor eigen consumptie. Dat is een van de redenen dat maar liefst driekwart van de bevolking minder dan één dollar per dag verdient. Negen van de tien inwoners beschikken over minder dan twee dollar per dag. Wel geeft de goudproductie, Mali’s belangrijkste exportproduct, het land nog enigszins een vast inkomen. Het is duidelijk dat de behoefte aan hulp groot is, een behoefte die alleen maar is toegenomen met de crisis die er in buurland Ivoorkust heerst. Mali is dan ook sterk afhankelijk van ontwikkelingssamenwerking. Mali heeft met het Internationaal Monetair Fonds (IMF) een hervormingsprogramma vastgelegd met als doel de economie te laten groeien en veelzijdiger te maken. Daarnaast helpen de hervormingen het buitenlandse investeringen aan te trekken. Waarom is Mali een partnerland van Nederland? De manier waarop de Malinese regering het land bestuurt, geeft de Nederlandse overheid vertrouwen dat ontwikkelingssamenwerking op een goede manier plaatsvindt. Mali heeft eerlijke verkiezingen gehouden en de mensenrechten worden er gerespecteerd. Wel is er veel aan te merken op de wijze waarop het parlement functioneert. Ook is er in het land nog sprake van corruptie en bestaat er nog te weinig inzicht in het beheer van overheidsmiddelen. De regering Touré heeft gezegd dat ze het functioneren van de overheid wil verbeteren en de corruptie wil bestrijden. Er zijn enkele positieve ontwikkelingen, maar concrete resultaten zullen in de nabije toekomst moeten blijken. Een andere reden waarom Nederland samenwerkt met Mali, is dat het een van de weinige stabiele landen van West-Afrika is. Het onderhoudt goede relaties met alle landen van de regio. Nederland gaat in de samenwerking met Mali ook uit van het oordeel van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en de Wereldbank. Die zijn redelijk tevreden over de economische prestaties van Mali. Wel vinden ze dat de Malinese regering nog meer economische verbeteringen moet invoeren. Dat is trouwens makkelijker gezegd dan gedaan. De Malinese economie staat immers onder druk door factoren waar zij zelf weinig aan kan doen, zoals de olieprijs en de katoenprijs. Hoewel IMF en Wereldbank bij de Malinese regering aandringen op hervormingen in de katoensector (privatisering), besloot de regering dit eind 2004 toch uit te stellen. Mali komt in aanmerking voor leningen tegen gunstige voorwaarden van de Wereldbank. Ook kwam het land in aanmerking voor schuldenkwijtscheldingen die in 2005 werden afgekondigd door de G8, de groep van acht leidende naties op industrieel gebied. Waarvoor is de Nederlandse hulp bestemd in Mali? Mali heeft een goed nationaal plan voor armoede opgesteld (CSLP), dat Nederland ook gebruikt als basis voor zijn activiteiten in Mali. De Nederlandse hulp gaat vooral naar belangrijke sectoren als gezondheidszorg, onderwijs en de ontwikkeling van economische productie. Ook geeft Nederland algemene begrotingssteun. Binnen de sector gezondheid ligt de nadruk op de bevordering van seksuele gezondheidszorg. In de sector onderwijs werkt Nederland samen met Zweden. Nederland speelt een leidinggevende rol in het op elkaar afstemmen van de hulp van alle donoren die met Mali samenwerken. Nederlandse particuliere ontwikkelingsorganisaties in Mali zijn onder meer ICCO, OxfamNOVIB, SNV en PUM. Wat is het Nederlandse budget? Nederland is een grote donor met een budget van 55 miljoen euro in 2008. Mali en de Millennium Ontwikkelingsdoelen De Nederlandse hulp gaat vooral naar belangrijke sectoren als onderwijs (ontwikkelingsdoel 2), gezondheidszorg (ontwikkelingsdoel 6) en de ontwikkeling van economische productie (ontwikkelingsdoel 1). Binnen de sector gezondheid ligt de nadruk op de bevordering van seksuele gezondheidszorg (ontwikkelingsdoel 5). Wat betreft het behalen van doelen maakt Mali naar verwachting vooral op het gebied van onderwijs een belangrijke vooruitgang. Ook op het gebied van de gezondheidszorg zijn goede resultaten behaald. De toegang tot de gezondheidszorg is de laatste 10 jaar enorm toegenomen, routinematige vaccinatie van kinderen staat op een hoog peil en de prenatale zorg is de laatste 5 jaar met sprongen vooruit gegaan. |